© 2017 by timelab.org

  • Grey Twitter Icon
  • Grey LinkedIn Icon
  • Grey Facebook Icon

Eerste indrukken over de Commons Transitie in Gent

May 22, 2017

Interview met Michel Bauwens

door Vasilis Niaros

 

                                               

Vasilis Niaros: Kan je ons kort de achtergrond schetsen van het project?

 

Michel Bauwens: Gent is een middelgrote stad met ongeveer 300 000 inwoners, met een uitgebreide studentenpopulatie, en een prestigieuze geschiedenis. Het was ooit de grootste stad in het noordwesten van Europa (12de–13de eeuw). Gent heeft al meer dan een decennium een progressieve rood-groene coalitie en was al actief in het steunen van verschillende burgerinitiatieven. De stad werd zich meer en meer bewust van het belang van de commons in deze nieuwe modellen en vroeg daarom ons (ikzelf en Yurek Onzia als coördinator, door onze expertise met p2p/commons in de P2P Foundation) om de commons in Gent in kaart te brengen en te bekijken wat er verwacht wordt van de stedelijke autoriteiten in deze context. Daarom kregen we drie maanden tijd om intense conversaties te voeren met lokale spelers en om een Commons Transitie Plan uit te werken. 

 

VN: In welke fase zitten jullie nu? Wat hebben jullie nu al gedaan?

 

MB: We zijn min of meer klaar met de onderzoekende en beschrijvende fase. We deden een heleboel online onderzoek, voerden ongeveer 80 gesprekken met projectinitiators, en voerden een diepgaande vragenlijst uit; dit alles werd ingevoerd in een open en gedeelde wiki (http://wiki.commons.gent), die georganiseerd is volgens grote ‘bevoorradingssystemen’, d.i. voedsel, mobiliteit, huisvesting, etc. Parallel hebben we, met de hulp van Timelab en Evi Swinnen, wekelijkse meetings om zo meer verbinding te stimuleren tussen spelers in verschillende domeinen. Timelab is één van de maker-gerichte culturele centra/makerspaces en is een essentiële bondgenoot en steun voor dit project.

 

Er gebeurt een heleboel in Gent. Vlaanderen kende een vertienvoudiging van het aantal commonsgerelateerde burgerinitiatieven in de laatste tien jaar, maar net als op veel andere plaatsen is er nog steeds veel versplintering. We gebruiken het verhaal van de commons om meer convergentie doorheen projecten te katalyseren, zodat we een systemisch effect op het stedelijke ecosysteem kunnen hebben en zelfs beleid kunnen beïnvloeden. De gebieden waar we specifiek op focussen zijn de economische realiteit van commonsprojecten (wat zijn hun concrete middelen), hun regelgevende moeilijkheden, en de mogelijkheden om ze in reële economische en sociale projecten om te vormen die de lokale economie kunnen stimuleren. Onze basishypothese is dat de transitie naar deze commonsmodellen ook vitaal is voor de transformatie naar een duurzame maatschappij.

 

VN: Wat zijn de belangrijkste uitdagingen die je tot nu toe hebt ervaren?

                                                                                  

MB: De samenwerking en ontvangst die we kregen van zowel de stad als de burgerinitiatieven waren geweldig, meer dan 50% van onze uitgebreide vragenlijsten werden ingevuld teruggestuurd, en er was een goede opkomst voor onze collectieve meetings.

Onze voorlopige inzichten zijn onder andere:

1.     Gent heeft een dynamische stadsadministratie die zich efficiënt engageert in de transitie, op lange termijn, maar er blijft te veel fragmentatie in de sectoriële aanpakken;

2.     Gent heeft zeer dynamische en goed georganiseerde burgers die op concrete wijze transitieprojecten initiëren en vooruithelpen, maar ze zijn ook vrij gefragmenteerd hoewel sommige sectoren verder staan dan anderen, zoals voedsel en energie;

3.     Eén van de zwaktes is dat Gent een emergente industrie mist, en dat universitaire instituties niet zichtbaar verbonden zijn met burgerinitiatieven;

4.     Algemeen kan men zeggen dat er veel actie is, maar nog niet genoeg meta-reflectie, verbinding en afstemming tussen projecten.

We maakten al veel vooruitgang met onze wiki, veel materiaal om mee te werken en te analyseren, en we zullen snel klaar zijn met onze teksten en de voorstelfase.

 

VN: Kan je ons een idee geven over de richting waarin je voorstellen voor oplossingen ziet?

 

MB: Het sleutelidee voor mij is hoe we van een gefragmenteerde situatie kunnen bewegen naar het begin van een alternatief eco-systeem dat duurzaam en sociaal rechtvaardig is. Eén van mijn ideeën is om verder te bouwen op een structuur die relatief succesvol was in de meest geavanceerde sectoren, en dat is het succes in de creatie van ten minste het begin van een alternatief voedeselsysteem. Gent heeft een brede waaier aan CSA projecten, groepen voor collectief aankoop en dies meer, waarin nieuwe producenten en actieve prosumers nieuwe relaties aangaan. Er is ook een workshop waar de kernspelers van deze nieuwe economie samen leren en reflecteren, waardoor ze veranderingen voor de stad kunnen voorstellen, en het heeft een voedselbeleid en project, Gent en Garde, dat volledig geëngageerd is in de transitie naar duurzaamheid.

 

Ik denk dat deze structuur de basis kan zijn van een generische structuur voor de transitie in andere bevoorradingssystemen en ook in wat ik ‘duurzaamheidsbevorderende platformen’ noem. Ik kijk ook naar hoe de collectieve koopkracht van ankerinstellingen deze macht als hefboom kunnen gebruiken voor meer duurzame, lokale aankopen door sociale aankooppraktijken. Gent heeft één miljoen schoolmaaltijden in het stedelijke scholennet, die lokaal verkregen zouden kunnen worden. Timelab is een pioneer in zo’n ‘oproep voor de commons’-aanpak, waarin eerder dan competitie voor schaarse subsidies, actoren gemeenschappelijke oplossingen creëren door een netwerkaanpak die veralgemeend kan worden in andere stedelijke projecten, in plaats van puur competitieve aanvragen. Op een meer fundamenteel, politiek niveau kunnen stedelijke instellingen en democratische procedures het ‘right to challenge’ door burgerinitiatieven en zelfs het ‘right to initiate’ integreren, zoals al het geval is in Bologna bijvoorbeeld. Is de stad en zijn administratieve en politieke cultuur klaar om een ‘partnerstad’ te worden die zijn burgers in staat kan stellen om common-wealth te co-creëren op een meer systematische en succesvolle manier?

 

VN: Wat is de rol van het stadsbestuur in dit project?

 

MB: Het stadsbestuur gaf de opdracht voor het project, en het is het eerste stadsbestuur in de wereld die strategisch kijkt naar de transitie naar de commons, dat is niet min. De burgemeester en de strategische directie van de stad zijn behulpzaam en hebben een zeer efficiënte coördinator benoemd die deuren voor ons geopend heeft om een reeks geëngageerde ambtenaren in verschillende departementen te ontmoeten. Parallel hebben we even enthousiaste ondersteuning gekregen van civiele initiatieven en organisaties, wat ons toont dat de commons leeft en beantwoordt aan een echte vraag. De moeilijkheid van dit project mag echter niet onderschat worden, d.i. hoe krijgen we meer convergentie en systematiek bij actoren in de commons in verschillende sectoren; hoe verkrijgen we meer zeggenschap en politieke draagkracht; hoe kunnen we meer infrastructurele vereisten voor de commons aanpakken, zoals ruimte en land, die onderhevig zijn aan heftige speculatie en gentrificatie?; Hoe kunnen we deze transitie naar de commons financieren, bv. door circulaire financiën die de kost van negatieve externaliteiten aanpakken en commons-initiatieven ondersteunen die drastisch de materiële voetafdruk van menselijk, economische en sociale activiteiten verbeteren?

 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

RECENT POST

April 21, 2017

Please reload

  • Twitter Social Icon
  • Facebook Social Icon